Mijn stilte
Het laatste nummer van Filosofie Magazine heeft als thema ‘Stilte’. Een dubbeldik zomernummer over een thema dat in de zomer bij de meeste mensen niet echt tot de verbeelding spreekt. Bij mij wel, al was alleen maar om een weg te zoeken in een wereld die lijkt te worden overwoekerd door populisme, simplisme en oeverloos geschreeuw in populaire hamburgerketens en op voormalige groenten- en fruitschuiten. Ik doel op de zuipschuiten die mijn regio in de zomer gijzelen. Draaitafel aan boord, een stuk of wat kisten bier en volgieten maar. De herrie komt vanzelf.
Stilte is een subjectief dat vele vragen oproept. In haar stuk in het Filosofie Magazine schrijft Marli Huijer (hoogleraar filosofie in Rotterdam) dat stilte een relatief begrip is. Dat stilte bestaat bij de gratie van lawaai, dat weten we allemaal. Maar dat het vermogen om je in te stellen op omgevingsgeluid – om geluiden meer of minder toe te laten – evolutionair gezien een belangrijk overlevingsmechanisme is, dat is voor mij een nieuw inzicht. Met dat inzicht pakte ik een paar weken terug op zondagmiddag de fiets voor mijn gebruikelijke rondje door het polderlandschap van het Westland en Delfland. Het was mooi weer en dat betekent veel herrie in de polder. Maar deze keer nam ik mij voor mij niet te ergeren aan de geestloze weekdieren die normaliter de zuipschuiten bevolken en die de stilte van het landschap telken male wreed verstoren met gelal, harde discomuziek en op straat uiteenspattende bierflesjes. Nee – deze dag wilde ik overleven, dus ik stelde mij in op het omgevingsgeluid en liet het toe. Had ik het maar niet gedaan. Zelden heb ik op een middag zo weinig stilte ervaren als die middag. Ik wilde het polderkanaal infietsen, wat niet duidt op een overlevingsmechanisme.
Stilte. Het is en blijft een subjectief. Wat anderen als serene stilte ervaren, ervaar ik als een stevige inbreuk op iets wat mij toekomt en wat ik keihard nodig heb om belangrijke vragen te overdenken en om te lezen en te schrijven. Die stilte is geen stilte die geluiden toelaat. Dat is serene stilte. Stilte die je helemaal alleen laat met het verhaal en je gedachten. Fietsen op zondagmiddag door het landschap bij mij in de buurt. Het is prachtig. Maar mijn stilte – hoe ik omgevingsgeluid ook probeer toe te laten – is onmogelijk. Niet door herrie, maar door het soort herrie.
